gedichten

Grondstof

Na het spreken houd ik stenen gedachten over.
In schrift beitel ik een waterlijn in mijn hoofd,

een vlasvezel om mijzelf zachtjes vooruit te duwen,
in linnen verdraag ik mij.

Toch beweer ik: een waterlijn is geen rivier
om te varen. Ik stort mijzelf als cement.

Wat zal ik binden? Ik meng maar kom niet verder.

 

Drie gedichten, waaronder het gedicht Grondstof, zijn gepubliceerd in het tijdschrift Extaze #24.

F5 toets

De stad krimpt. Waslijnen zijn dunne flosdraden
waar meeuwenpoten losjes omheen hangen.

Mensen verdampen maar ik vind je nog op Google Maps.
Jouw straten hebben meer kleur dan het grijs dat jij mailde.

Ik heb een maquette voor ons gemaakt. We slapen
in de braamblauwe kamers met advocaatgele accenten.

Je vraagt naar de dikte van betonlagen, de roestvrijstalen deur
vind ik niet terug op de kleurwaaier van de Gamma.

Jouw straten verdwijnen nadat ik F5 drukte,
zoals iemand van ons huis een kelder maakte.

 

Afgelopen zondag trad ik op in de atoomschuilkelder van Amsterdam. Voor dit mini-festival schreef ik het gedicht ‘F5 toets’. Rein Swart schreef een verslag over deze poëtische middag.

Dichter op de IJssel

Trad op (in mijn tuinbroek) op de boerderij voor het kunstproject ‘Dichter op de IJssel’ samen met (o.a.) A.L Snijders. Wat een geweldige middag met een fijn publiek, een opgezette havik, pittige wortelsoep van Jet en een prachtig uitzicht! Mijn gedicht ‘Borboros’ werd genomineerd voor deze poëziewedstrijd.

Laatbloeier

Op de kop hang ik:
droogbloemen gaan langer mee
dan verjaardagskalenders op de wc

kokhals ik de laatste strohalmen
wat nog in mij buigt verrekt zich

vastgeknoopt aan mijn hoogtepunt
van bloei, roze-paars, vlak voor het verdorren
verdroog ik. Ik mis de hommels in mij.

 

 

1 2 3 7  Scroll to top